De Duitse filosoof Martin Heidegger noemde de mens een wezen dat enerzijds geworpen is en anderzijds zelf ontwerpt.. Dat geworpen betekend dat we te maken hebben met beperkingen: lichamelijk, intellectueel maar ook contextueel, zoals armoede of rijkdom. Zelfmanagement leert ons om te gaan met die beperkingen en het zelf ontwerpen.
Zelfmanagement bestaat uit:
- Zelfkennis: Dit is jezelf proberen te verstaan. Wat is je natuur? Wat is je gegeven? Wat jun je lichamelijke en psychisch aan? Dit geeft aan wat voor jouw het beste werkt. Welke sport pas bij je? welke therapie slaat aan? Wie inzicht in zich zelf heeft weet dat hij de waarheid niet in pacht heeft.
- Zelfbeperking: De mate waarin je de handelingen als training, werken, uitvoert berust op Zelfbeperking. Jezelf beperkingen opleggen is misschien nog wel lastige dan jezelf leren kennen; De deugd is een optimaal midden, volgens Aristoteles: zelfmanagement betekent in niets overdrijven.
- Zelfdiscipline: Is de beheersing van de beperkingen. Het vaststellen van je beperkingen is één. Anders word het om je die beperking toe toe passen. Een basaal voorbeeld is drinken; je kent je beperking van twee glazen wijn. Maar heb je ook de discipline om na twee glazen te stoppen?
- Zelfverantwoordelijkheid: Uit zelfkennis, zelfbeperking en zelfdiscipline vloeit zelfverantwoordelijkheid voort.
Wie zelfmanagement bezit, weet zich te beperken, dringt zijn mening niet op en is in staat te luisteren. Stel je op het standpunt dat iemand anders morgen mischien met een beter idee kan komen, Zoals de Amerikaanse filosoof Richard Roty zijn filosofie een samenvatte. Je zo opstellen vergt moed en verstandigheid.
Tekst vrij van Marc van der Bossche uit ‘Voortreffelijk Leven’ van P.H. Steenhuis.