Uit ‘Tegen de onverschilligheid’, p 69-74
Het doel van het leven in om jezelf maximaal te verwezenlijken.
Alle menselijke handelingen zijn gericht op een doel. Er zijn talloze doelen waarvan het ene ondergeschikt is aan het andere, hogere doel, dat zelf weer onder geschikt is aan een nog hoger doel. Tot dat er uiteindelijk één hoogste doel bereikt wordt. Uiteindelijk houdt men een hoogste doel over omwille waarvan men alles doet. Dit einddoel waardeert men omwille van zichzelf en het heet: Geluk
Het goede leven betekend dat je de praktijk van het leven op excellente wijze uitoefent zodat je wordt wie je bent.
Geluk betekent als mens gelukt zijn
p72 Deugd in een onderdeel van de houding van waaruit een handeling zich voltrekt. Dus de houding is een set van deugden van waaruit men handelt.
Houding en keuze vloeien uit elkaar voort
Bepaalde keuzes zorgen voor een houding en een houding motiveert bepaalde keuzes. Als men regelmatig op een bepaalde manier handelt zal het steeds makkelijker worden en vergelijkbaar te handelen
- Houding is een set deugden
- Daaruit volgend de keuzes
- Die bepalen de handelingen
Handelingen dragen bij aan het vormen van je karakter
Voortreffelijkheid verwijst naar een houding die het midden weet te kiezen